Elke functie wordt op vaste factoren beoordeeld. Je leert wat de zes wegingsfactoren meten, hoe scope werkt, en hoe de factoren samen de zwaarte van een functie bepalen.
Functio beoordeelt elke functie op vaste wegingsfactoren. Elke factor kijkt naar een andere kant van het werk. Samen geven ze een objectief, vergelijkbaar beeld van hoe zwaar een functie is.
Er zijn zes wegingsfactoren. Vijf daarvan beschrijven de inhoud van het werk. De zesde is scope: die kijkt naar het bereik van de functie en weegt anders, tweedimensionaal. Ook scope komt in deze module aan bod.
Factoren meten de zwaarte van het werk. Scope meet het bereik. Ze zijn onafhankelijk van elkaar en tellen allebei mee in de waardering.
Klik op een factor om te zien wat Functio ermee beoordeelt.
De kennis en ervaring die nodig is om de functie goed uit te voeren.
De mate van zelfstandigheid die de functie vraagt bij het nemen van beslissingen en het stellen van prioriteiten, binnen of buiten gestelde kaders.
De mate waarin de functie zich afspeelt in een omgeving met verschillende, veranderende en onderling samenhangende factoren.
De mate waarin de functie vraagt om zelf oplossingen te bedenken voor nieuwe of ingewikkelde problemen.
De mate waarin de functie, door beslissingen en verantwoordelijkheid, invloed uitoefent op resultaten, middelen, mensen en de richting of positie van de organisatie.
Let op: een factor kijkt naar wat de functie vraagt, niet naar hoe goed een bepaalde medewerker presteert. Je waardeert de rol, niet de persoon.
Elke factor loopt van een lichte tot een zware uiting. De voorbeelden hieronder maken concreet waar je op let. Dit zijn illustraties van de uitersten, geen scores.
| Factor | Lichte uiting | Zware uiting |
|---|---|---|
| Kennis | Elementaire taakkennis | Uitzonderlijk diepgaande vakkennis |
| Autonomie | Volledig volgens instructies | Bepaalt organisatiebeleid |
| Complexiteit | Stabiele taken | Strategische organisatievraagstukken |
| Probleemoplossend | Signaleren en doorgeven | Fundamenteel nieuwe concepten |
| Impact | Eigen uitvoering | Bepaalt de strategische koers |
Een functie is bijna nooit overal even zwaar. De ene factor kan licht zijn terwijl de andere zwaar weegt. Dat is normaal en juist waardevol: het maakt het profiel scherp.
Scope is ook een wegingsfactor, maar werkt anders dan de vijf inhoudelijke factoren. Die vijf kijken naar de aard van het werk. Scope kijkt naar het bereik: de omvang van teams, budget en organisatiebereik waarvoor de functie verantwoordelijk is. Scope weegt tweedimensionaal en heeft een eigen schaal.
Twee functies met dezelfde inhoudelijke zwaarte kunnen een heel andere scope hebben:
De roltypering (module 6) zegt hoe iemand werkt. Scope zegt voor welk deel van de organisatie de functie verantwoordelijk is. Ze staan los van elkaar.
Functio helpt je met een korte wizard. Je beantwoordt drie vragen en op basis daarvan bepaalt Functio het scopedomein. Daarna vul je de omvang in (de dimensiewaarde, zoals FTE of omzet). Zo weegt scope tweedimensionaal.
Zo ja, dan wijst dit richting het domein Management.
Zo ja, dan wijst dit richting het domein Sales.
Zo ja, dan wijst dit richting een advies- of stafdomein.
Twijfelregel: vul de omvang in waarvoor de functie verantwoordelijk is, niet de omvang van de hele organisatie. Een adviseur voor één business unit vult die unit in, niet het totale personeelsbestand.
Je hoeft geen ranges te onthouden. Functio toont de opties zodra het domein bepaald is.
Zodra het profiel klaar is, met de Resultaatgebieden (de gebieden waarop een functie resultaat levert) en de factorscores, gaat Functio rekenen.
De vijf inhoudelijke factoren (Kennis, Autonomie, Complexiteit, Probleemoplossend vermogen, Impact) worden per Resultaatgebied bepaald. Elk RA heeft dus zijn eigen factorscores.
Scope geldt voor de hele functie, niet per RA. Het gaat over het bereik waarvoor de functie verantwoordelijk is.
Functio combineert dit deterministisch tot een functieschaal A tot en met P. Zelfde profiel erin, zelfde schaal eruit. Hier komt geen AI aan te pas.
Let op: de precieze rekenregels horen in de workshop, niet in deze module. Het principe is genoeg: Functio rekent deterministisch met de factoren per RA en scope over de hele functie.
De waardering is een samenspel van drie rollen, en elk doet iets anders.
De AI kiest de Resultaatgebieden en schrijft het profiel.
Functio rekent de functieschaal uit. Deterministisch, geen AI.
Jij controleert en bevestigt de uitkomst.
Het beoordelen door een mens is niet vrijblijvend: onder de AI Act moet een mens het resultaat controleren en bevestigen.
Functio ondersteunt meerdere methoden. Wat de AI doet, hangt af van welke methode je gebruikt.
Bij de Functio-methode rekent het systeem. Bij de CAO-methoden matcht de AI tegen bestaande families. In beide gevallen beoordeelt HR de uitkomst.
Elke factor meet iets anders. Kies bij elke omschrijving de juiste factor.
Je weet nu welke factoren Functio meet, wat scope is, en hoe de functieschaal deterministisch tot stand komt.
Vijf beschrijven de inhoud van het werk, de zesde is scope.
Kennis, autonomie, complexiteit, probleemoplossend vermogen en impact.
Eerst het domein, dan de omvang waarvoor de functie verantwoordelijk is.
Functio berekent de schaal deterministisch. Jij beoordeelt en bevestigt de uitkomst, verplicht onder de AI Act.
De dertien roltyperingen en hoe ze sturen welke resultaatgebieden de AI voorstelt.